ARTIST STORY
STEELY DAN.
Een Steely Dan-plaat kan op de achtergrond bijzonder aangenaam klinken. De bas beweegt soepel, het keyboard glanst, een saxofoon legt een elegante lijn over de maat. Zet het volume iets hoger en luister naar de woorden: ineens blijken de mensen in deze keurige muzikale kamers heel wat minder betrouwbaar. Donald Fagen en Walter Becker bouwden hun eigen wereld op die wrijving. Hun songs verleiden met melodie en houden tegelijk iets achter. Juist daardoor blijft er, ook na tientallen luisterbeurten, iets te ontdekken.
IMAGE CREDIT: Fred von Lohmann via Wikimedia Commons · Donald Fagen met Steely Dan, Coachella, 10 april 2015 · CC0 1.0 · Responsief uitgesneden.
Klikken laadt de Spotify-player. Spotify bepaalt wat je kunt afspelen.
Open in Spotify ↗TWEE SCHRIJVERS MET DEZELFDE SCHEVE BLIK
Fagen en Becker ontmoetten elkaar als studenten aan Bard College in de staat New York. Jazzplaten, literatuur, blues en een gedeeld gevoel voor droge humor vormden hun gemeenschappelijke grond. Fagen speelde toetsen; Becker was gitarist en bassist. Hun samenwerking draaide al vroeg om het schrijven van songs. De band was het middel om die ideeën hoorbaar te maken.
In 1971 verhuisden ze naar Los Angeles, waar ze via producer Gary Katz als songschrijvers bij ABC/Dunhill terechtkwamen. Hun materiaal bleek niet altijd gemakkelijk bij andere artiesten onder te brengen. Daarom kreeg het een eigen voertuig. Steely Dan begon in 1972 als een echte band, met onder anderen gitaristen Denny Dias en Jeff Baxter, drummer Jim Hodder en zanger David Palmer.
Dat begin is belangrijk. Het latere beeld van twee mannen die eindeloos aan knoppen draaien, vertelt maar een deel van het verhaal. Onder hun studiowerk ligt de ervaring van samenspelen: hoe een drummer een passage optilt, hoe een gitaar een zangregel kan beantwoorden en hoe een baslijn de spanning in een akkoord hoorbaar maakt. Hun precisie is geworteld in die muzikale beweging.
EEN DEBUUT DAT METEEN MEER DAN ÉÉN KANT HEEFT
Can't Buy a Thrill uit 1972 presenteert meerdere gezichten van de groep. Do It Again draait op een aanhoudende, bijna hypnotiserende beweging. De percussie en de herhaling lokken je het nummer in, terwijl Fagens stem een verhaal vertelt waarin iemand telkens weer verkeerd uitkomt. De muziek keert terug, net als het gedrag waarover wordt gezongen.
Reelin' in the Years heeft een veel directere gitaarenergie. De bijdrage van gastgitarist Elliot Randall geeft de opname een scherpe, zingende rand. Zet daar Dirty Work naast, met Palmer als zanger, en je hoort hoe ruim hun vertrekpunt was. Die laatste song klinkt zachter en ronder, maar ook daar schuilt achter de prettige melodie een ongemakkelijke situatie.
Het debuut is daarom een uitstekende ingang voor wie Steely Dan vooral als verfijnde jazzrock kent. Er zit veel pop in deze plaat, en behoorlijk wat rock. De slimme harmonieën zijn al aanwezig, alleen staan ze nergens als een ingewikkelde opdracht voor je neus. Je kunt eerst gewoon het refrein volgen. De vreemde details melden zich later vanzelf.
VAN DE BAND NAAR DE STUDIO
Countdown to Ecstasy uit 1973 geeft het samenspel meer ruimte. Nummers als Bodhisattva en My Old School hebben een tastbare bandenergie. De instrumenten reageren nadrukkelijk op elkaar, zonder dat de composities hun richting verliezen. De scherpte van de gitaren en de stuwende ritmes maken dit een andere luisterervaring dan de gladde reputatie van hun latere werk soms doet verwachten.
Op Pretzel Logic uit 1974 werden de songs compacter. Rikki Don't Lose That Number is een schoolvoorbeeld van hun vermogen om een onmiddellijk herkenbare melodie te combineren met een ondertoon die zich niet eenvoudig laat vastpakken. De titel klinkt als een rechtstreeks verzoek. De muziek laat er ondertussen ruimte omheen, alsof er meer aan de hand is dan de verteller kwijt wil.
Fagen en Becker besloten in 1974 voorlopig te stoppen met toeren. De studio werd hun centrale werkplek en de vaste bezetting maakte geleidelijk plaats voor wisselende spelers. Dat betekende dat een nummer niet langer hoefde te passen bij dezelfde vijf of zes mensen. Ze konden zoeken naar de muzikant wiens aanslag, timing of klank precies bij een specifieke passage hoorde.
KATY LIED EN THE ROYAL SCAM
Katy Lied uit 1975 en The Royal Scam uit 1976 maken die ontwikkeling goed hoorbaar. De muziek wordt steeds zorgvuldiger opgebouwd, maar houdt scherpe randen. Black Friday heeft een stevige bluesbeweging. Bad Sneakers legt een veel lichtere melodie over zijn ritme. Binnen hetzelfde album kan de temperatuur daardoor flink veranderen.
The Royal Scam is een goede keuze als je hun gitaarwerk wilt volgen. Kid Charlemagne beweegt met grote vanzelfsprekendheid, terwijl de gitaarlijnen voortdurend kleine nieuwe openingen maken. Een solo is hier geen los blok tussen twee refreinen. Hij verlengt de spanning die de song al heeft opgebouwd. Wanneer de zang terugkomt, klinkt de ruimte eromheen veranderd.
Bij deze platen helpt het om de aandacht eens te verplaatsen. Volg een luisterbeurt alleen de bas, daarna de toetsen en vervolgens pas de woorden. Je merkt hoe weinig onderdelen er zomaar zijn neergezet. Toch blijft het geheel bewegen. Dat onderscheidt een levendig arrangement van een verzameling keurige muzikale prestaties.
AJA: RUIMTE BINNEN DE PRECISIE
Met Aja uit 1977 ontstond een van hun meest geliefde albums. De nummers hebben meer ademruimte, de klank is helder en de ritmes voelen ruim. In de titeltrack spelen onder anderen drummer Steve Gadd en saxofonist Wayne Shorter een belangrijke rol. De muziek kan van een rustige zangpassage naar een veel vrijer instrumentaal landschap bewegen zonder haar samenhang kwijt te raken.
Gadds spel is een reden om juist dat titelnummer aandachtig te beluisteren. Hij bewaakt de beweging en opent die tegelijk. Een accent laat een passage kantelen, een roffel geeft een volgende sectie een ander gewicht. Shorters saxofoon voegt weer een eigen richting toe. De compositie biedt die spelers een kader, maar laat hun persoonlijke geluid volledig hoorbaar.
Het is gemakkelijk om Aja alleen als een demonstratie van perfecte opnamekwaliteit te behandelen. Daarmee mis je de spanning van het samenspel. Engineer Bill Schnee beschreef de sessies juist als sterk gericht op gevoel en het samen laten werken van passages. De helderheid van het eindresultaat maakt dat menselijke werk beter hoorbaar.
Ook Peg verdient aandacht buiten het bekende refrein. De achtergrondzang en de korte instrumentale reacties geven de song telkens een extra glanslaag. Deacon Blues kiest een rustiger, langer uitgestrekt perspectief. Samen tonen die nummers hoe verschillend een Steely Dan-song kan ademen. Je hoeft geen akkoorden te kunnen benoemen om dat verschil te voelen.
DE NACHTELIJKE WERELD VAN GAUCHO
Gaucho volgde in 1980. Hier klinkt de ruimte nog gecontroleerder. De ritmes zijn strak, de afzonderlijke instrumenten staan duidelijk afgetekend en Fagens stem lijkt vaak net iets op afstand te blijven. Dat past bij de wereld van de songs: mensen die zichzelf zorgvuldig presenteren, terwijl de naden van hun verhaal zichtbaar blijven.
Hey Nineteen is een goed voorbeeld. De muziek voelt licht en ontspannen, maar het gesprek dat zich erin ontvouwt, verloopt minder soepel. Die spanning hoeft niet met een dramatische uithaal te worden onderstreept. Fagen kan een klein ongemak juist sterker maken door de woorden betrekkelijk droog neer te leggen.
Na deze plaat volgde een lange onderbreking in hun gezamenlijke studio-output. Fagens The Nightfly verscheen in 1982 onder zijn eigen naam. Die soloplaat hoort bij zijn persoonlijke discografie, ook al zijn er duidelijke muzikale familiebanden. Het onderscheid houdt de ontwikkeling van Steely Dan zelf helder.
EEN TWEEDE HOOFDSTUK
In de jaren negentig gingen Fagen en Becker weer samen het podium op. In 2000 verscheen Two Against Nature, twintig jaar na Gaucho. De onderlinge taal bleek nog intact: beweeglijke grooves, zorgvuldig geplaatste blazers en personages wier zelfbeeld niet noodzakelijk overeenkomt met wat de luisteraar hoort.
Het album won bij de Grammy-uitreiking van 2001 vier prijzen, waaronder Album of the Year. Datzelfde jaar volgde opname in de Rock & Roll Hall of Fame. Zulke erkenning vertelt iets over hun positie, maar de plaat werkt ook zonder prijzenverhaal. Luister naar de ritmische souplesse van Cousin Dupree en naar de manier waarop Fagen de verteller laat praten.
Everything Must Go uit 2003 heeft een meer direct samenspelend karakter. Op Slang of Ages neemt Becker de leadzang voor zijn rekening, een uitzondering binnen de studiocatalogus van de band. Zijn stem verandert meteen het perspectief. De vertrouwde muzikale omgeving krijgt een andere bewoner.
LUISTER NAAR WAT ER TUSSENIN ZIT
Becker overleed in 2017. De negen studioalbums bewaren de samenwerking waarin hij en Fagen hun eigen toon ontwikkelden. Een goed begin is Can't Buy a Thrill, gevolgd door The Royal Scam en Aja. Daarna laat Gaucho horen hoe ver ze het geluid konden verfijnen.
Neem daarbij ook de overgangen serieus. De kleine stilte voordat een refrein inzet, een gitaar die de laatste lettergreep opvangt, een basnoot die een harmonie even anders kleurt: daar zit veel van hun karakter. Het zijn platen die ontspannen kunnen klinken en tegelijk actieve aandacht blijven belonen.
ONE THING YOU DIDN’T KNOW.
Op het debuut wordt Dirty Work gezongen door David Palmer. Wie alleen Fagens stem met Steely Dan verbindt, hoort daar dus werkelijk een andere leadzanger. Later kreeg ook Becker op Slang of Ages een eigen zangmoment.
THE FACTS
ESSENTIAL DISCOGRAPHY
De negen oorspronkelijke Steely Dan-studioalbums. Soloplaten van Fagen en Becker, compilaties, livealbums en heruitgaven zijn apart gehouden.
- 1972Can't Buy a Thrill
- 1973Countdown to Ecstasy
- 1974Pretzel Logic
- 1975Katy Lied
- 1976The Royal Scam
- 1977Aja
- 1980Gaucho
- 2000Two Against Nature
- 2003Everything Must Go
FAQ
Wie zijn Steely Dan?
Steely Dan is de Amerikaanse groep rond songwriters Donald Fagen en Walter Becker. Hun muziek combineert rock, jazz, soul en pop met uiterst precieze studioproducties en vaak ironische teksten.
Waar komt Steely Dan vandaan?
Fagen en Becker begonnen hun samenwerking als studenten en vormden Steely Dan begin jaren zeventig. Na de eerste tourjaren kozen ze steeds meer voor studiowerk met wisselende sessiemuzikanten.
Welke albums van Steely Dan zijn essentieel?
Can’t Buy a Thrill, Pretzel Logic, The Royal Scam, Aja en Gaucho vormen de kern van hun werk uit de jaren zeventig. Daarop hoor je de verschuiving van bandrock naar verfijnde jazzrockproducties.
Waarom is Aja zo belangrijk?
Aja uit 1977 geldt als een hoogtepunt van Steely Dan. Op de plaat staan Deacon Blues, Peg, Josie en het titelnummer, met een zorgvuldig opgebouwde bezetting van studiomuzikanten.
Is Steely Dan op vinyl verkrijgbaar?
Ja. De officiële winkel biedt Aja op lp aan als onderdeel van een vinylserie. Ook andere albums uit de catalogus zijn opnieuw op vinyl uitgebracht.
Bekijk de artiestpagina van STEELY DAN voor de vinyluitgaven en meer om te ontdekken.
Lees verder in JAZZ FUSION en ROCK.
THE FINAL WORD.
ACHTER ELKE GLANSLAAG.
Steely Dan laat je eerst genieten van de klank en daarna twijfelen aan wat er wordt verteld. De groove houdt je binnen, de details zorgen dat je terugkomt. Zet Aja op, laat één instrument je aandacht leiden en luister bij de volgende ronde naar de rest. Er zit altijd nog iets achter die glans.