ALBUM STORY
KIND OF BLUE. (Miles Davis)
Een baslijn, een kort antwoord en ruimte om verder te gaan. Hoe Miles Davis op Kind of Blue vijf stukken liet ontstaan uit eenvoud, aandacht en samenspel.
IMAGE CREDIT: Tom Palumbo / Wikimedia Commons · Portret van Miles Davis · CC BY-SA 2.0 · Bestaande uitsnede, geschaald voor deze publicatie; dezelfde licentie geldt voor de aangepaste weergave.
Klikken laadt de Spotify-player. Spotify bepaalt wat je kunt afspelen.
Open in Spotify ↗Voor Miles Davis zijn eerste solo op Kind of Blue begint, heeft de bas de belangrijkste zin al uitgesproken. Paul Chambers speelt het thema van So What. De andere instrumenten geven een kort antwoord. Er is geen haast om het hele palet tegelijk te laten horen. Een paar tonen, een reactie en wat lucht ertussen blijken voldoende om de aandacht vast te houden.
Voor een luisterbeurt met ruimte voor iedere frase vind je Kind of Blue van Miles Davis op vinyl bij SJELF.
Wanneer de trompet naar voren komt, blijft die ruimte bestaan. Miles zet zijn frasen zorgvuldig neer. Je hoort hoe een enkele toon kan wachten, hoe een rust de volgende zin voorbereidt. De opname klinkt vertrouwd, zelfs bij een eerste kennismaking. Tegelijk gebeurt er genoeg om steeds opnieuw een ander instrument te volgen.
EEN ANDERE MANIER OM VERDER TE KOMEN.
In 1959 was Miles al een gevestigde bandleider die zijn volgende richting onderzocht. Het voorgaande jaar had hij met Milestones muziek gemaakt waarin een eenvoudiger harmonisch uitgangspunt meer vrijheid aan de solist gaf. Ook zijn samenwerking met arrangeur Gil Evans en zijn filmsoundtrack voor Ascenseur pour l’échafaud hadden laten horen hoeveel sfeer uit een beperkt aantal middelen kon ontstaan.
De gedachte achter Kind of Blue is begrijpelijk zonder muziektheorie. In veel jazz bewegen solisten langs een reeks akkoorden die op vaste momenten wisselen. Hier kregen zij op belangrijke plekken meer tijd binnen een bepaald toongebied. Daardoor hoefden hun melodieën minder nadrukkelijk van akkoord naar akkoord te springen. Ze konden een motief uitrekken, herhalen of van een onverwachte kant benaderen.
Dat betekende geen afscheid van de blues. Freddie Freeloader en All Blues laten juist horen hoe levend die traditie binnen het album blijft. De vijf stukken volgen ook niet allemaal hetzelfde recept. Miles koos verschillende kaders die bij elkaar passen in klank en aandacht.
TWEE DATUMS, ZEVEN NAMEN.
De opnames vonden plaats op 2 maart en 22 april 1959 in Columbia's 30th Street Studio in New York. Irving Townsend leidde de sessies als producer; Fred Plaut verzorgde de opnametechniek. De eerste dag leverde de drie stukken van kant A op. De tweede dag kwamen All Blues en Flamenco Sketches op band.
Naast Miles stonden twee heel verschillende saxofonisten: John Coltrane op tenor en Julian ‘Cannonball’ Adderley op alt. Paul Chambers speelde bas en Jimmy Cobb drums. Aan de piano zat meestal Bill Evans, die voor deze sessies terugkeerde. Wynton Kelly speelde op Freddie Freeloader. Dat ene verschil is geen voetnoot: zijn helder swingende aanpak geeft het tweede stuk een eigen karakter.
De kracht van het ensemble zit in de verschillen. Miles kan een gedachte kort houden waar Coltrane haar verder uitbouwt. Cannonball brengt een beweeglijke, warme toon mee. Chambers en Cobb zorgen ondertussen dat het geheel blijft lopen. De stilte tussen de blazers is nooit leeg: achter iedere solo hoor je iemand luisteren en reageren.
SPONTANITEIT MET EEN KADER.
Bill Evans schreef de oorspronkelijke hoestekst. Hij vergeleek improviseren met een vorm van schilderen waarbij een penseelstreek niet achteraf wordt weggepoetst. Volgens zijn toelichting kwam Miles met schetsen die de muzikanten richting gaven. Het idee was om de eerste muzikale reactie levend te houden, met voldoende vorm om samen ergens uit te komen.
Dat wordt soms vereenvoudigd tot het verhaal dat alles op de plaat in één poging is gespeeld. De bewaarde sessiegegevens vertellen iets preciezers: er waren valse starts en van Flamenco Sketches bestaat een andere complete uitvoering. De spontaniteit is hoorbaar, maar er werden ook keuzes gemaakt. Het album dat we kennen is de gekozen vorm van die ontmoetingen in de studio.
Juist dat maakt het interessant om de plaat als samenspel te horen. Niemand krijgt een leeg vel zonder afspraken, en niemand hoeft ieder detail van tevoren vast te leggen. Het kader is helder genoeg om samen te blijven, open genoeg om een persoonlijke stem toe te laten.
SO WHAT: EEN GESPREK IN KORTE ZINNEN.
Na de vrije introductie van piano en bas zet So What zijn eenvoudige vraag-en-antwoordfiguur neer. Het thema heeft iets achteloos, maar de timing is nauwkeurig. De korte reactie valt steeds op de juiste plek. Zodra Miles begint te soleren, blijft dat gevoel van een gesprek bestaan. Zijn melodie hoeft niet druk te worden om richting te hebben.
Coltrane geeft hetzelfde stuk vervolgens meer dichtheid. Zijn lijnen zoeken door, terwijl Cannonball weer een andere beweeglijkheid meebrengt. Wie de solisten achter elkaar hoort, merkt hoe een beperkt uitgangspunt ruimte kan bieden aan uiteenlopende ideeën. De vorm blijft staan; de persoon die spreekt verandert.
EEN BLUES EN EEN LANGZAME CIRKEL.
Freddie Freeloader voelt aardser en losser. Kelly's piano geeft korte, ritmische antwoorden en houdt het gesprek licht op de voeten. De melodie is eenvoudig genoeg om te onthouden, maar wordt door de frasering telkens anders belicht. Het is een goed moment om ook Cobb te volgen: de drums geven steun zonder ieder gaatje te vullen.
Daarna verandert Blue in Green de afstand. De piano kleurt de achtergrond, de trompet speelt met demper en de melodie lijkt om zichzelf heen te draaien. Coltranes tenor past zich aan die intieme schaal aan. Na de relatief directe blues krijgt de tijd een andere rek. Een frase kan uitdoven voordat de volgende haar plaats inneemt.
De oorspronkelijke LP vermeldde Miles als componist van alle stukken. Rond Blue in Green is die toeschrijving al lang onderwerp van discussie: Bill Evans' aandeel wordt breed erkend. Ook de officiële toelichting bij de Legacy Edition bespreekt zijn bijdrage. Voor het verhaal van deze plaat is dat wezenlijk. De naam op de voorkant omvat een muzikaal resultaat waaraan verschillende mensen vorm gaven.
KANT B HOUDT DE RUIMTE OPEN.
All Blues begint met een golvende beweging. De bas blijft herkenbaar, de piano tekent een lichte trilling eromheen en de blazers laten het thema naar voren komen. De driedelige onderverdeling van de maat geeft het stuk een ander evenwicht dan de eerste kant. Het schommelt zonder zwaar te worden. Boven dat patroon kan Miles een melodie laten ontstaan die tegelijk ontspannen en precies klinkt.
Het slotstuk Flamenco Sketches gaat uit van vijf opeenvolgende toonladders. De solist bepaalt hoeveel tijd hij in ieder gebied doorbrengt. Daardoor lijken de overgangen eerder een gezamenlijke ademhaling dan een reeks vooraf afgetelde stappen. Het vraagt aandacht van iedereen: een nieuwe kleur moet door de hele groep worden opgevangen.
De titel suggereert een Spaanse sfeer, maar je hoort een akoestisch jazzensemble dat die ruimte op zijn eigen manier onderzoekt. De piano laat akkoorden hangen, de blazers spreken afzonderlijk en de ritmesectie blijft terughoudend aanwezig. De plaat eindigt zonder grote eindstreep. De laatste klanken laten nog iets in de kamer achter.
DE SCHADUW OP DE HOES.
De oorspronkelijke coverfoto is van Jay Maisel. Miles' gezicht en trompet komen uit een donkere achtergrond naar voren. Het beeld concentreert zich op een klein moment van spelen. Die keuze sluit aan bij de schaal van de opname: geen uitbundig groepsportret, maar aandacht voor houding, licht en een instrument.
Achter op de hoes staat Evans' tekst over improvisatie. Zo biedt de verpakking twee manieren om binnen te komen: eerst het beeld van de speler, daarna de gedachte achter het samenspel. Op de oorspronkelijke LP ligt Blue in Green aan het einde van kant A. Na het omdraaien begint de langere beweging van All Blues. Die indeling geeft het album een duidelijke tweede adem.
GROOT GEWORDEN DOOR OPNIEUW TE WORDEN GEDRAAID.
Kind of Blue verscheen op 17 augustus 1959 bij Columbia. Het groeide uit tot een van de bekendste ingangen naar jazz en werd in 2002 opgenomen in het Amerikaanse National Recording Registry. In datzelfde releasejaar verschenen ook onder meer Mingus Ah Um, Time Out en The Shape of Jazz to Come. Jazz had meerdere nieuwe richtingen tegelijk.
De duurzaamheid van deze plaat zit niet alleen in haar reputatie. Je kunt haar volgen zonder de akkoorden te benoemen, en toch steeds meer horen wanneer je terugkomt. Een basnoot die langer doorklinkt, een korte pianoreactie, de plek waar Miles even wacht: het zijn kleine gebeurtenissen die het geheel dragen. De muziek geeft je genoeg om vast te houden en genoeg ruimte om zelf verder te luisteren.
THE RECORD.
FULL TRACKLIST.
Oorspronkelijke Amerikaanse LP, Columbia CL 1355 / CS 8163 (1959). Kant A: de eerste drie stukken. Kant B: All Blues en Flamenco Sketches. De alternate take van Flamenco Sketches op latere edities behoort niet tot deze oorspronkelijke tracklist.
- 01KANT A · So What
- 02KANT A · Freddie Freeloader
- 03KANT A · Blue in Green
- 04KANT B · All Blues
- 05KANT B · Flamenco Sketches
FINAL WORD.
LEAVE ROOM FOR THE NEXT NOTE.
Op Kind of Blue telt niet alleen welke toon er komt, maar ook wanneer. Miles Davis geeft zijn muzikanten ruimte en laat hun verschillen hoorbaar blijven. Vijf stukken later klinkt eenvoud als iets waar je nog lang niet op bent uitgeluisterd.