ALBUM STORY
ELECTRO-SHOCK BLUES. (Eels)
Tussen ziekenhuisgangen, dwarse beats en een onverwacht open einde vond Eels een taal voor verlies. Het verhaal van Electro-Shock Blues, een plaat die blijft leven.
IMAGE CREDIT: Eric Willis / Wikimedia Commons · Mark Oliver Everett, Palace of Fine Arts, San Francisco, 10 juni 2014 · CC BY-SA 4.0 · Bestaande uitsnede door FMSky, geschaald voor weergave.
Klikken laadt de Spotify-player. Spotify bepaalt wat je kunt afspelen.
Open in Spotify ↗Eerst is er nauwelijks iets om je aan vast te houden. Een zachte gitaar, een breekbare stem, een achtergrond die eerder op een herinnering lijkt dan op een volle band. Elizabeth On The Bathroom Floor opent een deur die de meeste popplaten gesloten laten. Toch zal Electro-Shock Blues niet op die donkere plek blijven. De zestien nummers vormen een route door verlies, vreemde humor en het voorzichtige besluit om verder te leven.
NA DE DOORBRAAK.
Met Beautiful Freak en Novocaine for the Soul had Eels in 1996 een herkenbare wereld neergezet: gebarsten popmelodieën, droog commentaar en geluiden die vaak net scheef stonden. Mark Oliver Everett, meestal kortweg E genoemd, had een publiek gevonden. Voor de tweede plaat diende zich echter iets aan dat zich moeilijk liet vertalen naar een gebruikelijke volgende stap.
Zijn zus Elizabeth overleed in 1996 door zelfdoding. Zijn moeder werd ongeneeslijk ziek en stierf in 1998 aan longkanker. Zijn vader was al jaren eerder overleden. Die gebeurtenissen veranderden zijn dagelijks leven en de vraag waarover hij nog kon schrijven. De albumtitels klinken soms hard en klinisch, omdat ziekenhuisbezoek, afscheid en herinneringen werkelijk dichtbij waren gekomen.
EEN HELDERE LUCHT.
Everett vertelde aan Hot Press dat hij aanvankelijk juist niet over deze gebeurtenissen wilde schrijven. Het voelde te persoonlijk, te pijnlijk en ook te voorspelbaar. De omslag kwam toen hij zich een heldere blauwe lucht voorstelde naast alles wat er misging. Die twee beelden hoefden elkaar niet uit te sluiten. Hij zag een mogelijkheid om muziek te maken die de tragedie toeliet en tegelijkertijd ruimte hield voor iets anders.
Dat verklaart waarom de plaat zo vaak van kleur verandert. Een sombere tekst krijgt een veerkrachtige begeleiding, een onrustig geluid opent plotseling naar een melodie die je kunt neuriën. Die tegenstellingen zijn geen versiering rond het onderwerp. Ze laten horen dat verdriet zich afspeelt in een leven waarin ook gegeten, gewerkt, gelachen en naar buiten gekeken wordt.
EEN KLEINE KAART VAN LOS ANGELES.
De opnamen liepen van oktober 1997 tot juli 1998. Volgens de officiële Eels-winkel werd gewerkt in Everetts thuisstudio in Echo Park, bij Mickey Petralia in Los Feliz en bij de Dust Brothers in Silver Lake. Dat zijn verschillende werkplekken binnen dezelfde stad. Het album ontstond in een netwerk van vertrouwde mensen, met E als middelpunt.
De officiële discografie noemt naast E ook Mike Simpson, Mickey Petralia en Jim Jacobsen als producers. Drummer Butch Norton was er weer bij; onder de gasten bevonden zich Lisa Germano, Jon Brion, Grant Lee Phillips en T-Bone Burnett. Die namen helpen de rijkdom van het geluid te begrijpen. Dit is persoonlijke muziek die op allerlei momenten andere spelers binnenlaat.
Strijkers, toetsen, akoestische instrumenten en vervormde klanken staan naast ritmes die nadrukkelijk uit de wereld van beats en montage komen. Niet alles krijgt dezelfde glans. Sommige passages voelen alsof je dicht op een kleine opname zit, waarna een volgend nummer de kamer ineens groter maakt. De korrel en de schaalverschillen houden de vertelling beweeglijk.
DE EERSTE DEUR.
Voor Elizabeth On The Bathroom Floor gebruikte Everett woorden uit het dagboek van zijn zus. Hij opent daarmee niet vanuit de veilige positie van iemand die achteraf alles kan uitleggen. Haar perspectief krijgt eerst ruimte. De sobere begeleiding maakt het moeilijk om aan de stem voorbij te luisteren, maar de song wordt nergens een demonstratie van vocaal vermogen. Juist de beperking geeft het begin zijn gewicht.
Daarna trekt Going To Your Funeral Part I de plaat in beweging. Het afscheid is nog steeds dichtbij, maar er komt ritme onder te liggen. Cancer For The Cure gaat verder met rafelige energie en een bijna uitdagende vaart. Wie alleen de songtitels bekijkt, mist hoeveel verschillende manieren dit album vindt om met zijn onderwerpen om te gaan.
Bij My Descent Into Madness krijgt het arrangement weer iets uitgesproken melodieus. Het kan verleidelijk zijn om de donkere woorden en de aantrekkelijke muziek uit elkaar te trekken. De kracht zit juist in hun samenspel: de song laat iets ongemakkelijks toe binnen een vorm die je wilt blijven volgen. De eerste plaatkant eindigt zonder dat die spanning is opgelost.
GELUID DAT TEGENSPREEKT.
3 Speed maakt de ruimte kleiner. Het nummer beweegt licht en vertraagd, alsof een eenvoudig voorwerp uit het dagelijks leven genoeg kan zijn om een hele herinnering te openen. Daarna zet Hospital Food de omgeving weer op scherp. De dwarse blazers en het hoekige ritme maken het bijna lichamelijk onrustig. Het ziekenhuis verschijnt hier niet als een stille achtergrond.
De titeltrack trekt zich vervolgens terug in herhaling en elektronisch rafelwerk. De stem lijkt minder vast te staan dan in een gebruikelijke popmix. Dat werkt als een verandering van perspectief: soms volg je een duidelijk verteld verhaal, soms blijft alleen een toestand over. Efils’ God sluit de tweede kant af met opnieuw een andere combinatie van beweging en vervreemding.
EEN BEELD VANAF GROTE HOOGTE.
De instrumentale terugkeer van Going To Your Funeral aan het begin van kant C herinnert aan wat eerder voorbij kwam. Vervolgens opent Last Stop: This Town de blik. Het nummer, geschreven en geproduceerd met Mike Simpson, verbeeldt een afscheid vanuit een ongewoon, bijna zwevend perspectief. De melodie blijft direct genoeg om zelfstandig als popsong te werken.
Baby Genius onderbreekt die vaart met een korter, kwetsbaarder moment. Daarna geeft Climbing To The Moon de plaat opnieuw lucht. Everett putte voor dat lied uit de bezoeken aan zijn zus tijdens haar psychiatrische opname. Het verlangen naar een andere plek krijgt er een steeds wijder muzikaal uitzicht. Binnen de volgorde voelt het als een eerste, onzekere opening.
HET GEWONE BLIJFT BESTAAN.
Ant Farm begint de laatste kant met een zachte nabijheid. Dead Of Winter gaat vervolgens naar het ziekbed van zijn moeder en de behandeling die zij onderging. Het nummer houdt zich klein. Er is geen groot arrangement nodig om te laten voelen hoeveel tijd en aandacht in zo’n kamer kunnen samenkomen.
In The Medication Is Wearing Off blijft de houvast broos. Pas met P.S. You Rock My World zet het album zijn laatste stap. De blik gaat weer naar gewone gebeurtenissen, naar een wereld die niet is opgehouden te bestaan. De afsluiting maakt het voorafgaande niet ongedaan. Ze laat de mogelijkheid toe dat er naast herinneren ook weer iets te beginnen valt.
EEN FAMILIE IN HET BOEKJE.
Ook het artwork bewaart verschillende stemmen. De hoes is getekend door Everett: figuren zweven door een blauwe nacht. Binnenin staan onder meer tekeningen van zijn vader, poëzie van zijn grootmoeder en teksten van zijn zus. De verpakking wordt daarmee een kleine verzameling sporen van mensen die in de muziek aanwezig zijn.
De eenvoudige lijnen van de omslag passen bij het album, zonder de gebeurtenissen letterlijk uit te beelden. Er is verbeelding nodig om afstand te scheppen, net zoals de muziek onverwachte kleuren gebruikt. Wie de hoes en de binnenkant naast elkaar bekijkt, ziet hoe een persoonlijk archief onderdeel van een plaat kan worden.
VIER KANTEN, ÉÉN BEWEGING.
De oorspronkelijke Amerikaanse vinyluitgave verscheen op twee blauwe 10-inchplaten. Elke kant bevat vier nummers. In een interview met Under the Radar sprak Everett later bijzonder warm over precies die uitvoering. Hij vertelde ook dat het opnemen, midden in een eenzame periode, iets was geweest waaraan hij zich kon vasthouden.
Het album verscheen in 1998 via DreamWorks; de officiële banddiscografie vermeldt 20 oktober voor de Amerikaanse release. In Groot-Brittannië was het toen al uit: het bereikte daar eind september nummer twaalf. De afzonderlijke titels trokken vanzelfsprekend aandacht, maar de recensie in CMJ wees ook op de ritmische en instrumentale rijkdom van de plaat.
Die rijkdom blijft een goede ingang. Luister naar hoe weinig er nodig is voor de opener, hoeveel scherpe beweging er in Hospital Food zit en hoe de laatste song weer buiten lijkt te komen. De betekenis ontstaat tussen die momenten. Het is de vorm van een heel album die toestaat dat pijn en levenslust elkaar steeds opnieuw tegenkomen.
THE RECORD.
FULL TRACKLIST.
Oorspronkelijke Amerikaanse dubbel-10-inch uit 1998, DreamWorks DRM2-50052. Zestien nummers op vier kanten; geen bonusnummers of opnamen van het afzonderlijke livealbum Electro-Shock Blues Show.
- 01A1 · Elizabeth On The Bathroom Floor
- 02A2 · Going To Your Funeral Part I
- 03A3 · Cancer For The Cure
- 04A4 · My Descent Into Madness
- 05B1 · 3 Speed
- 06B2 · Hospital Food
- 07B3 · Electro-Shock Blues
- 08B4 · Efils’ God
- 09C1 · Going To Your Funeral Part II
- 10C2 · Last Stop: This Town
- 11C3 · Baby Genius
- 12C4 · Climbing To The Moon
- 13D1 · Ant Farm
- 14D2 · Dead Of Winter
- 15D3 · The Medication Is Wearing Off
- 16D4 · P.S. You Rock My World
FINAL WORD.
ER BLIJFT IETS TE HOREN.
Electro-Shock Blues bewaart pijn zonder de mensen erachter tot hun verdriet te beperken. Het album kan klein, woedend, geestig en teder zijn, soms binnen hetzelfde nummer. De laatste beweging is vooruit, met alles wat eraan voorafging nog hoorbaar.