SJELF. STORIES WORTH KNOWING.

ARTIST STORY

LOUIS ARMSTRONG.

Een trompet die een melodie laat spreken en een stem waarin een heel leven meeklinkt. Louis Armstrong veranderde de ruimte voor de solist, zonder ooit het contact met zijn publiek te verliezen.

9 MIN READ WORDS BY SJELF.
Louis Armstrong met zijn trompet in de Aquarium-club in New York, omstreeks juli 1946.

IMAGE CREDIT: William P. Gottlieb / Ira and Leonore S. Gershwin Fund Collection, Music Division, Library of Congress · Aquarium, New York, circa juli 1946 · Publiek domein · Responsief uitgesneden.

Klikken laadt de Spotify-player. Spotify bepaalt wat je kunt afspelen.

Open in Spotify ↗

DE VRIJHEID IN ÉÉN NOOT.

De opening van West End Blues duurt maar een paar seconden. Toch gebeurt er genoeg om meteen rechtop te gaan zitten. Louis Armstrong blaast een lijn die omhoogschiet, buigt en even in de lucht blijft hangen. De rest van de band is nog niet begonnen. Hij neemt de ruimte, zonder te klinken alsof hij haast heeft om haar te vullen. Daarna valt de muziek op haar plaats en krijgt die eerste uitbarsting een omgeving.

De opname dateert van 28 juni 1928. Bijna een eeuw later kun je nog horen waarom ze een keerpunt werd: iemand speelt een melodie alsof hij ter plekke bepaalt hoe de tijd zal lopen. Armstrong kan een noot laten wachten, een korte frase laten versnellen en vervolgens precies op het goede moment landen. Het is virtuositeit die een verhaal vertelt. Ook zonder iets van akkoorden of jazzgeschiedenis te weten, kun je die beweging volgen.

Voor veel luisteraars begint zijn naam bij een heel ander geluid: de schorre warmte van What a Wonderful World. Tussen die stem en de jonge trompettist zit een lange carrière, maar ook een duidelijke verbinding. In beide hoor je hoe een bekende melodische lijn persoonlijk wordt. Armstrong geeft iedere noot een richting. De manier waarop hij iets inzet, vasthoudt of loslaat, is vaak minstens zo belangrijk als de melodie zelf.

NEW ORLEANS ALS EERSTE SCHOOL.

Louis Armstrong werd op 4 augustus 1901 geboren in New Orleans. Hij groeide op met weinig geld en werkte al jong. Muziek hoorde bij de straten en de dagelijkse beweging van de stad. Na zijn plaatsing in het Colored Waif’s Home kreeg hij les van Peter Davis en ontwikkelde hij zich op de cornet, het koperinstrument waarmee zijn muzikale loopbaan begon.

Joe “King” Oliver werd een belangrijke mentor. In 1922 haalde Oliver hem naar Chicago; een jaar later maakten ze samen opnamen. Pianiste Lil Hardin, met wie Armstrong in 1924 trouwde, moedigde hem aan een zelfstandige richting te kiezen. Na een periode bij Fletcher Henderson in New York keerde hij terug naar Chicago. In 1925 begon hij onder zijn eigen naam op te nemen.

DE HOT FIVE EN EEN ANDERE MANIER VAN LUISTEREN.

De opnamen van de Hot Five en Hot Seven behoren tot het hart van Armstrongs vroege werk. Het zijn oorspronkelijke plaatkanten uit het tijdperk van de 78-toerenplaat. Wie ze nu als album beluistert, hoort doorgaans een latere verzameling van afzonderlijke sessies. Dat onderscheid is nuttig: deze muziek ontstond lang voordat de moderne studio-lp de gebruikelijke vorm voor een muzikale vertelling werd.

Luister naar de manier waarop een korte trompetzin uit de gezamenlijke drukte naar voren kan komen. De andere instrumenten blijven bewegen, maar je aandacht wordt even heel scherp op één muzikant gericht. De Hot Five-platen hielpen die individuele stem een nieuwe plaats te geven binnen jazz. Je hoeft daarvoor geen nette grens te trekken tussen “voor” en “na”. Het spannende is juist dat je de verandering in de muziek zelf kunt horen.

In de opnamen uit 1928 is pianist Earl Hines een belangrijke gesprekspartner. Op Weather Bird staan piano en trompet tegenover en naast elkaar, met een levendigheid die de leeftijd van de opname bijna laat verdwijnen. De ene speler gooit een idee op, de andere geeft het een nieuwe richting. Er is ruimte voor bravoure, maar ook voor een snelle reactie. Luisteren is hier duidelijk onderdeel van spelen.

EEN STEM MET EEN EIGEN RITME.

Armstrongs zang heeft dezelfde vrijheid. Zijn klank is ruw, direct herkenbaar en ver verwijderd van een gladgestreken ideaal. Juist die korrel geeft woorden gewicht. Een lettergreep kan een klein percussie-instrument worden; een zin kan achter de begeleiding aan lijken te lopen en toch volmaakt op haar plaats vallen. Het resultaat is bijzonder natuurlijk, alsof hij het lied persoonlijk aan iemand aan de andere kant van de tafel vertelt.

DE ALL STARS EN DE RUIMTE VAN EEN ALBUM.

Vanaf 1947 werd de kleine bezetting van de All Stars zijn vaste podiumvorm. De musici wisselden door de jaren heen; het groepsgeluid bood veel ruimte voor herkenbare individuele stemmen. Op Louis Armstrong Plays W.C. Handy uit 1954 en Satch Plays Fats uit 1955 staat het repertoire van twee belangrijke componisten centraal. Armstrong kan er langer binnen dezelfde muzikale wereld blijven dan op één losse singlekant.

Satchmo: A Musical Autobiography uit 1957 kijkt op een andere manier terug. Armstrong neemt eerder repertoire opnieuw op en vertelt erbij. Het is daardoor meer dan een stapel oude platen in een nieuwe hoes: je hoort een oudere muzikant die zijn eigen muzikale verleden weer benadert. De afstand tussen de oorspronkelijke uitvoeringen en die latere blik maakt het project interessant, ook wanneer je de bekende melodieën al goed kent.

ELLA, OSCAR EN DUKE.

Op Ella and Louis uit 1956 lijkt de ontmoeting op papier bijna te contrasterend: Ella Fitzgeralds heldere lijn naast Armstrongs ruwe korrel. In de uitvoering ontstaat juist een ontspannen verstandhouding. Ze hoeven niet hetzelfde te klinken om elkaar te vinden. Het plezier zit in de verschillen, in hoe een frase van kleur verandert wanneer de volgende stem haar overneemt.

Ook Ella and Louis Again, Porgy and Bess en de samenwerking met Oscar Peterson laten die chemie horen. Bij Duke Ellington ontstaat opnieuw een ander gesprek. De sessies met Ellington uit 1961 leverden de oorspronkelijke albums Recording Together for the First Time en The Great Reunion op. Latere edities brengen dat materiaal samen als The Great Summit. Voor wie platen verzamelt, is dat precies het soort titelverschil om op te letten: een andere hoes betekent hier niet automatisch een andere sessie.

EEN GLIMLACH WAS NIET HET HELE VERHAAL.

Armstrongs internationale populariteit leverde hem de bijnaam Ambassador Satch op. Maar zijn positie als zwarte Amerikaanse wereldster bracht ook tegenstrijdigheden met zich mee. In 1957 sprak hij zich scherp uit over de behandeling van de zwarte leerlingen die in Little Rock toegang tot een eerder gesegregeerde school probeerden te krijgen. Zijn publieke vriendelijkheid betekende geen onverschilligheid tegenover wat er thuis gebeurde.

Die spanning krijgt een muzikale vorm in The Real Ambassadors, het project van Dave en Iola Brubeck waarvoor Armstrong in 1961 opnamen maakte. De plaat verscheen in 1962. Het verhaal legt de tegenstelling bloot tussen Amerika dat zijn jazzmusici als culturele vertegenwoordigers naar buiten stuurt en de ongelijkheid waarmee zij in eigen land te maken hebben. Armstrong brengt daar meer in mee dan alleen een beroemde stem.

HALLO DOLLY, EEN WONDERLIJKE WERELD.

In 1964 bereikte Hello, Dolly! de eerste plaats in de Amerikaanse singleslijst en onderbrak het de reeks nummer-éénhits van The Beatles. Armstrong was toen 62. De opname klinkt alsof hij de kamer binnenkomt en iedereen al kent. Het refrein heeft een opgewekte vanzelfsprekendheid, maar de kleine vertragingen en accenten blijven helemaal van hem. Dat is een mooie verklaring voor zijn brede bereik: je kunt direct meedoen en ondertussen steeds nieuwe details horen.

What a Wonderful World, opgenomen en uitgebracht als single in 1967, kiest een andere schaal. Het orkest legt een rustige bedding onder zijn stem. Armstrong hoeft weinig te forceren; iedere zin krijgt voldoende ruimte. De single sloeg aanvankelijk niet breed aan in de Verenigde Staten. De latere bekendheid kan daardoor verhullen hoe verschillend de eerste ontvangst en het lange leven van een opname kunnen zijn.

Tot laat in zijn carrière bleef hij uiteenlopend materiaal proberen. Disney-liedjes kregen zijn kleur, en op Louis Armstrong and His Friends uit 1970 kwam hij met producer Bob Thiele terug bij een boodschap van verbondenheid. Datzelfde jaar volgde een countryalbum. Zijn stem bleef herkenbaar in die verschillende omgevingen. Armstrong overleed op 6 juli 1971 in New York, met een oeuvre dat zich allang niet meer tot één publiek liet beperken.

ONE THING YOU DIDN’T KNOW.

Armstrong maakte thuis ook collages. Hij knipte foto’s, brieven en krantenmateriaal uit en gebruikte die onder meer om de dozen van zijn geluidsbanden te versieren. Het Louis Armstrong House Museum bewaart honderden van die dozen. Zijn blik als verzamelaar was heel persoonlijk: eigen herinneringen, andere artiesten en alledaagse beelden konden naast elkaar terechtkomen.

THE FACTS

BORN4 augustus 1901 · New Orleans, Verenigde Staten
SIGNATUREVrije trompetfrasering, een herkenbaar schorre stem en een uitzonderlijk gevoel voor swing.
ICONIC MOMENTWest End Blues · 28 juni 1928 · een beslissende opname voor de jazzsolist.

ESSENTIAL DISCOGRAPHY

De oorspronkelijke studioalbumprojecten, inclusief samenwerkingen en later voor het eerst uitgegeven studiosessies. De vroege Hot Five/Hot Seven-plaatkanten staan op latere verzamelingen. Livealbums, filmsoundtracks met meerdere artiesten en herverpakte compilaties zijn hier niet als studioalbums opgenomen. Bij I’ve Got the World on a String volgen we de datering 1957 van het Armstrong Museum en Universal; sommige catalogi noemen 1960. De twee oorspronkelijke Ellington-lp’s staan apart, de latere bundeling The Great Summit telt niet opnieuw.

  1. 1950New Orleans Days — oorspronkelijke 10-inch studio-lp
  2. 1950Jazz Concert — oorspronkelijke 10-inch studio-lp
  3. 1954Louis Armstrong Plays W.C. Handy
  4. 1955Satch Plays Fats
  5. 1956Ella and Louis — met Ella Fitzgerald
  6. 1957Ella and Louis Again — met Ella Fitzgerald
  7. 1957Louis Armstrong Meets Oscar Peterson
  8. 1957I’ve Got the World on a String
  9. 1957Louis Under the Stars
  10. 1957Louis and the Angels
  11. 1957Satchmo: A Musical Autobiography — nieuwe uitvoeringen en gesproken herinneringen
  12. 1958Porgy and Bess — met Ella Fitzgerald
  13. 1958Louis and the Good Book
  14. 1959Satchmo Plays King Oliver
  15. 1960Louie and the Dukes of Dixieland
  16. 1960Bing & Satchmo — met Bing Crosby
  17. 1961Recording Together for the First Time — met Duke Ellington
  18. 1962The Real Ambassadors — met Dave Brubeck en andere vocalisten
  19. 1963The Great Reunion — met Duke Ellington
  20. 1964Hello, Dolly!
  21. 1966Louis — Mercury-album
  22. 1968Disney Songs the Satchmo Way
  23. 1968I Will Wait for You — oorspronkelijke lp van recente studio-singles
  24. 1968What a Wonderful World
  25. 1970The Definitive Album — met de Dukes of Dixieland; studiosessie uit 1959
  26. 1970Louis Armstrong and His Friends
  27. 1970Louis ‘Country & Western’ Armstrong

FAQ

Waar komt Louis Armstrong vandaan?

Louis Armstrong werd geboren in New Orleans, Louisiana. In die stad leerde hij cornet spelen en ontwikkelde hij zich van jonge muzikant in lokale bands tot een bepalende solist in de jazz.

Waarom wordt Louis Armstrong Satchmo genoemd?

Satchmo was een van Armstrongs bekendste bijnamen. Het komt van “satchel mouth”, een verwijzing naar zijn brede mond; zelf werd hij ook vaak Pops genoemd.

Wat maakte Louis Armstrong zo belangrijk voor de jazz?

Armstrong hielp de nadruk in jazz verschuiven van samenspel naar de individuele improviserende solist. Ook zijn zang, met scat en een uitgesproken swinggevoel, werd enorm invloedrijk.

Welke nummers van Louis Armstrong zijn het bekendst?

What a Wonderful World en Hello, Dolly! horen bij zijn meest bekende opnamen, naast jazzstandards als West End Blues. Zijn oeuvre loopt van de Hot Five- en Hot Seven-jaren tot zijn latere wereldhits.

Speelde Louis Armstrong trompet of cornet?

Hij begon op cornet en groeide uit tot een van de beroemdste trompettisten uit de geschiedenis. In zijn vroege jaren in New Orleans was de cornet zijn belangrijkste instrument; later werd de trompet zijn vaste stem.

Bekijk de artiestpagina van LOUIS ARMSTRONG voor de vinyluitgaven en meer om te ontdekken.

Lees verder in JAZZ.

THE FINAL WORD.

BEGIN BIJ HET GELUID.

Zet eerst West End Blues op en luister hoe de trompet de stilte opent. Neem daarna de tijd voor een duet met Ella Fitzgerald. Tussen die twee opnamen hoor je hoeveel kanten één muzikant kan hebben. Armstrong geeft iedere uitvoering iets eigens, of hij nu een razendsnelle frase speelt of een eenvoudige melodie bijna praat. Het blijft een directe ontmoeting: iemand laat je horen hoe hij de wereld ervaart.

ONTDEK LOUIS ARMSTRONG OP VINYL →

KEEP DIGGING.

CONTINUE READING.

Lees verder over de artiesten, klanken en achtergronden uit dit verhaal.

Resonatorgitaar en glazen slide op een verweerde houten tafel.

GENRE GUIDE

BLUES.

Verdiep je in blues.

Blues maakte van ervaring een vorm. Blue notes, call-and-response en twaalf maten legden de basis onder jazz, rock, soul en moderne pop.

READ THE STORY
Paul McCartney met zijn Höfner-bas op het podium in Blokker in 1964.

ARTIST STORY

THE BEATLES.

Uit dit verhaal: The Beatles.

Van de clubs in Liverpool tot Abbey Road: hoe John, Paul, George en Ringo het popliedje steeds nieuwe ruimte gaven.

READ THE STORY